Huub reist door Vlaanderen langs plekken waar de Schelde de geschiedenis van welvaart en armoede onthult. In Oudenaarde ontdekt hij wandtapijten, ooit een luxeproduct voor de rijken, terwijl hij in Baasrode kennismaakt met de persoonlijke geschiedenis van een blinde gids wiens familie nauw verbonden was met de scheepstimmerwerven. Het contrast tussen rijkdom en eenvoud langs de Schelde weerspiegelt de verrassende dualiteit van deze rivier.