Decennia na de oorlog worden twee daders uit vernietigingskamp Sobibor achterhaald. Kampcommandant Frenzel wordt tijdens een ontmoeting geconfronteerd met zijn bloedige verleden door een van de overlevenden. Het schokkende gesprek is op band vastgelegd. Een andere beul is Gustav Wagner. Na de oorlog vlucht hij naar Brazilië, waar hij eind jaren zeventig wordt geïdentificeerd door een van de joodse overlevenden die na de oorlog ook naar Brazilië emigreerde. Na deze confrontatie sterft Wagner. Lange tijd is het onduidelijk gebleven hoe hij aan zijn einde is gekomen.